Lange droom die als een soort film in elkaar zit. Ik weet alleen nog stukjes ervan…
De droom speelt zich af in een groot laboratorium waar veel mensen werken. Ik word gevraagd om mee te doen aan een soort proef. Het wordt vrij onschuldig gebracht, als een soort assistent-achtig klusje, maar ik moet er wel voor naar een grote kelder onder het gebouw die alleen via een krap, vierkant luik in de vloer bereikbaar is. Ik voel enorme weerstand om het luik door te gaan, maar laat me uiteindelijk toch overhalen.
Beneden zijn nog een stuk of twintig andere deelnemers voor de proef, allemaal jonge mannen en vrouwen. Met sommige ervan bouw ik gedurende de looptijd van de proef een band op. De leider van het project mag ik echter niet zo. Het is een beetje een eikel, doet zich leuk voor, maar komt in wezen niet sympathiek op mij over. Hij probeert ons ook steeds over te halen om met een ander experiment mee te doen en doet alsof het iets leuks en luchtigs is, maar ik voel er niets voor. Anderen gelukkig ook niet.
De irritatie bij de projectleider groeit en ik voel steeds meer dat we alleen samen zijn gebracht om dat andere experiment te doen. Wat we nu doen is maar bijzaak (we moeten allerlei gymnastiekoefeningen doen en in rijen lopen of zoiets).
Als ik heel even de kelder verlaat en weer terugkom, is de situatie ineens veranderd. De laatste tegenstanders van het experiment zijn nu ineens toch om en ze willen nu met het experiment beginnen. Geschrokken spreek ik enkele van mijn voormalige medestanders aan. Zij hadden er toch ook geen goed gevoel bij? En vonden zij die leider niet ook een vervelende man? Ze antwoorden dat de leider in mijn afwezigheid een heel andere kant liet zien, dat hij ineens heel sympathiek en vriendelijk was. Ik geloof er niets van dat dit gedrag oprecht was, maar voel me machteloos nu de hele groep als één man tegenover me staat.
In een opwelling stap ik op één van de vrouwen af en strijk met een vinger over haar wang. Het was me bij terugkomst namelijk al opgevallen dat ze ineens heel veel make-up op had (en ze was niet de enige), wat bevestigd wordt door de poedersmurrie aan mijn vinger. Er zit nu een diepe veeg op haar gezicht, waaronder een doorschijnende blauwgrijze huid zichtbaar is. Het is het gezicht van een dode of stervende en ik schrik achteruit.
Ik wil snel de kelder verlaten, voel aan alles dat het helemaal mis is, maar dan sluiten de andere deelnemers mij in als een horde zombies en injecteren mij met onbekende middelen waarna ik wegval.
Terwijl ik bewusteloos ben, krijg ik nog wel het experiment mee. Alle tien mannen en tien vrouwen (allemaal tussen de 20 en 25 jaar oud) worden als door een computer aan elkaar gematcht. Ineens wordt duidelijk waarom juist deze mensen aan het experiment mee moesten doen: er zijn een blonde man en vrouw, een donkerharige man en vrouw, twee Aziaten, etc.
Zonder dat ze nog een eigen wil hebben, worden ze bij elkaar gezet en moeten allemaal in dezelfde kelderruimte gelijktijdig seks met elkaar hebben. Het doel is dat elk gematcht setje een baby krijgt met zuivere genen.
Terwijl dit allemaal gebeurt, doet de leider hetzelfde met mij. In eerste instantie heb ik dit uit schaamte en vernedering uit mijn droomboekje gehouden, maar ik voel nu dat het belangrijk is om het toch te delen. Door de onbekende injecties is mijn vrije wil helemaal weg, ik kan niet meer normaal nadenken en handelen en zonder dat ik er enige vat op heb, moet ik ondergaan hoe hij seks met mij heeft.
Erna, terwijl ik nog bewusteloos ben, krijg ik een soort visioen over wat er die nacht gaat gebeuren met mij: ik zal nog een keer geïnjecteerd worden door een jong Aziatisch meisje, Maar dit wetende, ben ik op mijn hoede. Terwijl alle anderen slapen, uitgeput van het experiment, komt het jonge, Aziatische meisje inderdaad naar me toe. Ze weet niet dat ik haar al aan zie komen en ik overval haar, geef haar zelf de injectie zodat ze bewusteloos raakt, en vlucht dan de laboratoriumkelder uit.